Je staat op de eerste rij
Een vriendinnetje erbij
Altijd giechelend met twee
Je lacht uitdagend lang naar mij
Werkt je make-up nog wat bij
‘k Schat je vijftien ongeveer
Meer dan leuk om te zien
Morgen huil je misschien
En dan ben ik je kwijt
Voor altijd
Refrein (a):
Barbara
Wie ben je, wie ben je
Barbara
Wie ben je, wie ben je
Refrein (b):
Ik heb je Barbara genoemd
Je gaf me bloemen en een zoen
‘k Zou die zo graag overdoen
Refrein (a)
Er zijn er zoveel zoals jij
Jonge meisjes frank en vrij
Maar vanbinnen zo fragiel
Blote schouders, slanke nek
Je maakt de mannen stapelgek
Spelend met je sex-appeal
Maar de dag zal nog komen
Je ontwaakt uit je dromen
Want een meisje wordt zo gauw
Een vrouw
Refrein (a-b-a)
Wie ben je, wie ben je
Wie ben je, wie ben je
Refrein (a)
|
|
|