Praten met jou, slapen met jou
Nooit wordt de liefde een sleur
Wonen met jou, werken met jou
Nooit stelde jij me teleur
Bij jou kan ik mijn gang gaan
‘k Hoef me niet te schamen
Wij beiden groeien langzaam
Naar een eeuwig samenzijn
Refrein (a):
In al jouw dromen wil ik wonen
Ik stap met jou een mooie wereld in
Vol rozengeur
Een zee van licht en kleur
Refrein (b):
In al jouw dromen wil ik wonen
In jouw nabijheid krijgt mijn leven zin
Ik vind de moed die zoveel wonderen doet
Ik voel me goed bij jou
Eén vingerknip, één kleine tip
Telkens bezwijk ik voor jou
Telkens kom jij iets dichterbij
Net wat ik altijd al wou
Ik liep heel vaak verloren
En toch bleef ik hopen
Ik voel mij als herboren
Als een bloem die opengaat
Refrein (a-b)
Refrein (b)
|
|
|